Triemen en Zwagermieden – twee kavels van Land van Ons in het noorden van Friesland – bestaan uit grasland met talrijke slootjes en greppels. Niet voor niets zijn de percelen bij uitstek geschikt voor weidevogelbeheer. Om de biodiversiteit te vergroten heeft het perceelteam in meerdere sloten natuurvriendelijke oevers laten aanleggen. Wat zijn dat? Hoe gaat dat in z’n werk, welke problemen kom je tegen en wat mag je ervan verwachten?
Percelen van Land van Ons in waterrijke gebieden lenen zich bij uitstek voor de aanleg van natuurvriendelijke oevers. Daarbij wordt het talud van één of beide zijden van een sloot of greppel (geen schouwsloot of hoofdwatergang) afgevlakt, zodat er een flauwe helling ontstaat.
De oevers lopen geleidelijk over van water naar land. Dankzij deze helling kunnen (moeras)planten in het ondiepe water groeien. Overige begroeiing zorgt voor een goede leefomgeving voor (water)vogels, vissen, insecten en kikkers. Zij kunnen hier schuilen, eten vinden, opgroeien en zich voortplanten. Doordat de oevers bij voorkeur een behoorlijke lengte hebben, kunnen de dieren zich ook goed verplaatsen.
Zo’n natuurvriendelijke oever ontstaat echter niet vanzelf. Daarvoor moet worden ingegrepen in het bestaande talud, waarna de lastige vraag zich aandient: waarmee gaan we de afgegraven gedeelten inzaaien? Niets doen en afwachten is geen optie. Dat zou allerlei pioniersplanten teveel een kans geven, waardoor de oevers binnen de korte keren overwoekerd raken door brandnetels, koolzaad, zuring, etc.
Triemen
Het aanleggen van een natuurvriendelijke oever kwam als eerste aan de orde op de kavel Triemen. Daar wilde de pachter een oude bult grond verwijderen en een sloot dempen. Alles goed en wel, zei Wetterskip Fryslân, maar ter compensatie zou dan een andere sloot over een lengte van 100 meter moeten worden voorzien van een glooiend talud, de basis van een natuurvriendelijke oever. Zo geschiedde.
In september 2024 gingen de werkzaamheden van start. Daarvoor moest het perceelteam samen met de pachter bepalen welk mengsel op het afgegraven talud zou worden ingezaaid. Hoewel eerder onderzoek had uitgewezen dat de bodem op de percelen van Triemen kalkarm is, bleek bij een inderhaast uitgevoerde boring bij de oever van de sloot dat zich ter plekke op ongeveer 40 cm diepte een laag keileem bevond.
Dit betekende volgens onze adviseur van CruydtHoeck dat de bodem daar wel eens kalk zou kunnen bevatten. Dus zouden soorten als beemdkroon, beemdooievaarsbek en welriekende agrimonie ingezaaid kunnen worden. Verder viel de keus op een bijenmengsel dat voldoet aan een vochtig milieu, met een zandige/lemige ondergrond. In het mengsel zitten ook soorten als duizendblad, moerasvergeetmenietje, moerasrolklaver, moerasspirea, peen, pimpernel, kattenstaart en marjolein.
Hoewel de weersomstandigheden in september en oktober 2024 goed waren (droog en milde temperaturen), zagen we medio november dat het zaad op de afgegraven oever niet was opgekomen. Vreemd. Was het weggespoeld of door een andere oorzaak niet opgekomen?
Misschien worden we in het voorjaar verrast door een weelde van geuren en kleuren.
Subsidie voor oever Zwagermieden
Het besluit om ook op de kavel Zwagermieden natuurvriendelijke oevers aan te leggen, kwam onverwacht. De zomer was voorbij, de herfst in aantocht, toen bij het perceelteam berichten binnenkwamen over subsidiemogelijkheden van Landschapsbeheer Friesland. Het was al laat in het seizoen. Er moesten offertes aangevraagd, adviezen ingewonnen over zaadmengsels, passend bij bodem en vegetatie ter plekke. Snel handelen was geboden. Maar het lukte.
De werkzaamheden zijn in november 2024 uitgevoerd, twee sloten zijn aan één zijde afgegraven en de grond is over een gefreesde bodem elders op het perceel verspreid. Door hevige regenval en daling van temperaturen was het niet mogelijk de afgegraven oever nog voor de winter in te zaaien. De mengsels lagen klaar: g4 bloemrijk grasland kalkrijk, gemengd met g3 bloemrijk grasland natte grond, en voor de zwarte grond op gefreesde bodem schraal grasmengsel NGW2: M1, passend bij veengrond.
Maar de oever was spekglad en zou voorlopig niet de kans krijgen enigszins op te drogen. Het warme najaar was voorbij. Er gierde een gure wind over de weilanden in het noorden van Friesland. Het wachten is nu op het voorjaar van 2025.
Tekst: Jinke Hesterman
Foto’s: Harmen Westra
leden perceelteam Triemen/Zwagermieden
