Geen bestuivers, geen voedsel

Bestuivers zoals wilde bijen, zweefvliegen en vlinders zijn essentieel voor onze landbouw. Tweederde van de gewassen in de wereld is voor hun gewasopbrengst (deels) afhankelijk van insecten. Ondanks het belang ervan, zijn er maar weinig boeren die bestuivers actief beschermen of beheren. Land van Ons doet het anders.

Belang van bestuivers

Wereldwijd worden 87 van de 115 belangrijkste landbouwgewassen door dieren (grotendeels insecten) bestoven, een percentage van 76%. De economische waarde van bestuiving is wereldwijd geschat op 153 miljard euro per jaar. In Nederland hebben bestuivers bijvoorbeeld een groot aandeel in de productie van appels en blauwe bessen. Bij het wegvallen van insectenbestuiving neemt het aantal geproduceerde appels en bessen met 40 procent af. De vruchten worden bovendien 50 procent kleiner in diameter. En dat is inmiddels aan de gang. De grootschalige achteruitgang van bestuivers kent meerdere oorzaken: vernietiging van habitat, klimaatverandering, droogte, stikstof en pesticiden spelen allemaal een rol. Opvallend en leerzaam zijn de bevindingen van drie nieuwe studies.

Icarusblauwtje op jacobskruiskruid.

Nieuwe studies betreffende bijen, zweefvliegen en vlinders

Matthias Becher, ecoloog aan de Exeter University in Groot-Brittannië, en zijn team kwamen erachter dat de vraag naar nectar en stuifmeel in het vroege voorjaar vooral bepaald wordt door het aantal bijenlarven en niet, zoals eerder gedacht, door het aantal volwassen werksters. Zodra de koningin in maart uit haar winterslaap komt, gaat ze op zoek naar een geschikte nestplaats en verzamelt vervolgens zoveel mogelijk nectar en stuifmeel om haar broedsel groot te brengen. Dat grootbrengen duurt enkele weken. Gedurende deze tijd zijn er maar heel weinig volwassen bijen te zien, maar is de voedselbehoefte des te groter. Ten tweede merkten ze op dat de meeste bloemen – ook die welke in nationale campagnes worden aangeraden – pas in april en mei gaan bloeien terwijl de koninginnen al in maart naar voedsel zoeken. Deze ‘hongerkloof’ zorgt ervoor dat er minder bijenvolken overleven tot het einde van de zomer en dat er niet genoeg koninginnen worden geproduceerd voor het volgende jaar.

Hommel op klaver.

Onderzoekers van EIS (European Invertebrate Survey) Kenniscentrum Insecten vonden een scherpe overgang van langzaam naar versneld uitsterven van zweefvliegen rond de jaren 1992 en 1993. Deze versnelde mate van uitsterven betrof met name soorten waarvan de larven van planten leven en die waarvan de larven bladluizen eten. Jarenlang hebben onderzoekers aangenomen dat bepaalde soorten bijen in ons land sneller achteruitgaan dan zweefvliegen. Deze nieuwe studie bevestigt dit resultaat voor de periode van voor 1990. Daarna is het tempo van verdwijnen van zweefvliegen sterk versneld. Momenteel sterven er in Nederland per jaar tweeënhalf keer zo veel soorten zweefvliegen uit als wilde bijen.

Uit nieuwe cijfers van het CBS en de Vlinderstichting blijkt dat tussen 1992 en 2023 de aantallen dagvlinders per soort met gemiddeld 53 procent zijn afgenomen. De aantallen daalden voor het negende jaar op rij, en bereikte in 2023 het laagste niveau. Niet alleen zeldzame en kwetsbare soorten namen sterk in aantal af, maar ook voorheen veelvoorkomende soorten als kleine vos en groot koolwitje worden nu steeds minder waargenomen.

Hooibeestje.

Wat doet Land van Ons om bestuivers te beschermen?

Land van Ons werkt aan natuurinclusieve landbouw. Akkerranden en groenstroken worden niet in één keer gemaaid, maar in etappes, zodat er altijd voedsel- en schuilplekken beschikbaar zijn en larven en poppen tijd hebben om op te groeien. Per perceel wordt er gekeken wat er gedaan kan worden om bestuivers te beschermen, zoals bijvoorbeeld op de percelen Holtesch, Empe en Wassenaar.
In samenwerking met de Vlinderstichting heeft Land van Ons op de Holtesch een keverbank aangelegd en ook op het perceel Empe is een keverbank te vinden. Keverbanken zijn stroken land die een halve meter worden opgehoogd ten opzichte van het omliggende akkerland. Omdat ze hoger en dus droger liggen, warmt de grond er in het voorjaar sneller op en wordt het een behaaglijke plek voor insecten als sprinkhanen en krekels, loopkevers, wantsen, cicaden, bijen, hommels, wespen en dag- en nachtvlinders. Ook weten verscheidene soorten zoogdieren, reptielen en amfibieën deze plek te vinden. Het is een nieuwe, innovatieve maatregel om dieren te beschermen. En het werkt! In 2023 zijn er bij de keverbank op de Holtesch in totaal 179 vlinders geteld, waaronder de citroenvlinder, klein koolwitje, groot koolwitje, kleine vuurvlinder, boomblauwtje en distelvlinder.
Op het perceel Empe zijn er vorig voorjaar vijfhonderd struiken meidoorn, hazelaar, sleedoorn en lijsterbes geplant, pal naast de hoogstam appelboomgaard. De struiken bieden bescherming aan insecten, die nuttig zijn voor de bestuiving en die natuurlijke vijanden zijn van parasieten en ander ongedierte in de boomgaard. Aan het eind van het jaar zijn er nog eens achthonderd struiken aangeplant en werd de bestaande houtsingel verder uitgebreid en voorzien van meer soorten struiken, waaronder rode kornoelje en hondsroos.
Op het voormalige bollenveld van het perceel Wassenaar zijn dit voorjaar veertig soorten meerjarige, inheemse bloemen ingezaaid, zodat deze bloemenakker een buffet wordt voor wilde bijen, hommels, (nacht)vlinders, motten en lieveheersbeestjes.

Marijke Wempe

Deel de post:
Facebook
LinkedIn
Twitter
Pinterest
WhatsApp

Gerelateerde berichten